Elektrisch

Dit is waarom de kosten van laden per gemeente verschillen

Zit je wagenpark verspreid over het land? Dan tikken die verschillen sneller aan dan je zou verwachten. In dit artikel lees je hoe groot deze verschillen zijn, waar dat vandaan komt en wat dit mogelijk betekent voor je mobiliteitsbeleid.

Steeds meer ondernemers rekenen elektrisch rijden voor als een vast bedrag per kilometer: stroom kost nu eenmaal minder dan benzine of diesel, dus de kosten liggen wel min of meer vast. Toch klopt dat beeld niet helemaal. Waar een tankbeurt er in Groningen ongeveer hetzelfde uitziet als in Maastricht, kan een laadbeurt in de ene gemeente zomaar dubbel zo duur zijn als een paar kilometer verderop. 

Hoe groot zijn de verschillen eigenlijk?

Best groot, blijkt uit onderzoek. De ANWB analyseerde begin 2026 zo'n zes miljoen laadsessies aan publieke laadpalen in heel Nederland over 2025. Het landelijk gemiddelde kwam uit op 48 cent per kWh, maar per gemeente liep dat uiteen van rond de 33 cent tot bijna 70 cent. Dat is meer dan het dubbele voor precies dezelfde hoeveelheid stroom.

Wat opvalt: de verschillen ontstaan vaak niet geleidelijk, maar juist tussen buurgemeenten. Sluit de ene gemeente aan bij een regionale samenwerking met een gunstig tarief, en doet de gemeente ernaast dat niet, dan kan een medewerker die net over de gemeentegrens woont of werkt structureel meer betalen voor exact hetzelfde laadgedrag. Bij zo'n 15.000 zakelijke kilometers per jaar kan dat prijsverschil oplopen tot enkele honderden euro's – puur op basis van waar er geladen wordt.

Waar komt dat verschil vandaan?

De verklaring zit in hoe laadinfrastructuur in Nederland georganiseerd is. Gemeenten zijn zelf verantwoordelijk voor het plaatsen van publieke laadpalen op hun grondgebied en besteden dit vaak uit aan een marktpartij via een concessie. In die concessie worden onder meer de laadtarieven vastgelegd. Sommige gemeenten bundelen die aanbesteding regionaal, waardoor er één tarief geldt voor een heel gebied. Andere gemeenten doen dat niet, of stappen niet mee in zo'n samenwerkingsverband, en eindigen daardoor met een hoger tarief dan hun buren.

Daarnaast spelen ook deze factoren mee in wat een laadbeurt uiteindelijk kost:

  • De gebruikte laadpas of app. 
  • Roamingkosten kunnen bovenop het lokale tarief komen wanneer je laadt met een pas van een andere aanbieder dan die van de laadpaal.
  • Het moment van laden. Sommige exploitanten hanteren tijdgebonden tarieven, bijvoorbeeld hogere kosten tijdens piekuren.
  • De beschikbaarheid van thuis- of bedrijfsladen. Wie kan laden op eigen terrein, betaalt doorgaans het gewone stroomtarief en is minder afhankelijk van publieke tarieven.
  • Concurrentie tussen aanbieders in een gebied. Meer aanbieders in dezelfde regio houdt de prijs vaak lager.

Voor bedrijven met medewerkers of voertuigen op meerdere locaties telt dit snel op. Twee vestigingen met een vergelijkbaar wagenpark kunnen dus een compleet ander kostenplaatje hebben, puur door waar de auto's staan te laden.

Wat betekent dit voor je mobiliteitsbeleid?

Veel ondernemers en wagenparkbeheerders werken met één vaste vergoeding of regeling voor alle elektrische rijders, ongeacht de locatie. Begrijpelijk vanuit het oogpunt van eenvoud, maar het houdt geen rekening met deze regionale verschillen. Een medewerker die toevallig in een dure laadgemeente werkt, betaalt in de praktijk meer voor exact dezelfde rit als een collega elders. Andersom kan een uniforme, te hoge vergoeding er ook voor zorgen dat je als werkgever onnodig meer betaalt dan nodig.

Drie dingen die je hier concreet mee kunt:

  1. Breng in kaart waar je medewerkers laden. Niet alleen hoeveel er wordt uitgegeven, maar ook op welke locaties en tegen welke tarieven. Zonder dat overzicht blijft het gissen naar waar de kosten vandaan komen.
  2. Kijk kritisch naar dure laadlocaties. Als blijkt dat een deel van je wagenpark structureel in een dure gemeente laadt, kan het de moeite waard zijn om te onderzoeken of thuisladen, laden op de zaak, of een alternatieve route uitkomst biedt.
  3. Baseer je beleid op data, niet op aannames. Een reëel beeld van de werkelijke laadkosten per locatie geeft je meer grip dan een vast bedrag dat voor iedereen hetzelfde is.

Altijd en overal grip op je laadkosten

Bij MKB Brandstof zien we dat inzicht hét sleutelwoord is zodra een wagenpark verder elektrificeert. Met onze laadpas laad je door heel Nederland en Europa bij vrijwel elke aanbieder, en komen alle laadsessies overzichtelijk samen op één verzamelfactuur. 

Via de MKB Brandstof app en het dashboard zie je precies waar, wanneer en tegen welk tarief er geladen is, per kenteken of per medewerker. Zo hoef je niet te gokken of een dure laad gemeente je mobiliteitskosten stilletjes opdrijft, maar zie je het gewoon terug in je overzicht.

Deel dit artikel

;